Spring naar de hoofdinhoud

20 jaar marktwerking

In 2006 werd de marktwerking in de zorg geïntroduceerd. De fysiotherapie was als eerste aan de beurt. Het zou beter en goedkoper worden. Anno 2026 maken we de balans op (cijfers tm 2025).

Het aantal Nederlanders is 18,3 miljoen (+1,8 miljoen).
De beroepsbevolking is 10,2 miljoen (+ 2,1 miljoen; ook door hogere pensioengerechtigde leeftijd).
De gemiddelde levensverwachting is 83,1 jaar (+3,7).
Het aantal mensen ouder dan 65 jaar is 3,76 miljoen (+1,47 miljoen).
Het aantal mensen met een lage SES is 1,62 miljoen (+150.000).

Minimumloon is €2427,84 (+ €1163,04, +90%)

De kosten voor de totale gezondheidszorg zijn €155 miljard (+ 68 miljard)
De kosten voor de ziekenhuizen zijn €35,4 miljard (+ 19 miljard)
De kosten voor de fysiotherapeutische zorg zijn €1.950.000 (+ 1,05 miljoen)
Het eigen risico is € 385, in 2005 nog een no-claimteruggave van max. €255 (+ 640)
Gemiddelde premie van de basisverzekering is €158,50 (+ 570,17)
Aantal mensen zonder aanvullende verzekering (AV) is 19,4% (+12,4%)
Aantal mensen met fysiotherapie in AV 23-25% is (+20%)
Aantal polissen met onbeperkte dekking fysiotherapie: geen enkele meer

Maximale zorgtoeslag is €131 (+ €97). In 2025 werd €6,5 miljard uitgekeerd.
Aantal mensen in WIA is 1 miljoen. In 2025 werd €52,47 miljard uitgekeerd.

Totaal vermogen VGZ 578 miljoen euro (+ 19%)
Totaal vermogen ONVZ 37,8 miljoen (+19%)
Totaal vermogen Menzis 230 miljoen euro (+ 14%)
Totaal vermogen Salland 10,3 miljoen euro (+ 11%)
Totaal vermogen DSW 26 miljoen euro (+ 9%)
Totaal vermogen CZ 243 miljoen euro (+8%)
Totaal vermogen Achmea 249 miljoen euro (+ 8%) en keert 415 miljoen uit aan aandeelhouders
Totaal vermogen Zorg en Zekerheid +6 procent 25,6 miljoen euro
In totaal ligt er al ruim 1,5 miljard euro op de plank.

Aantal fysiotherapeuten in de eerstelijn is 21.500 (+ 6500). Hoeveel uren deze therapeuten actief zijn op kosten van zorgverzekeringen is onbekend, zeker is dat veel praktijken naast fysiotherapie ook andere inkomsten mòeten genereren om te kunnen blijven bestaan)
Het aantal behandelingen is 43 miljoen (+ 12 miljoen).
Gemiddelde standaardtarief is €37,59 (+ 12,43, +33%)
Inflatie sinds 2005 is 52,77%

Tijdens de rechtszaak tegen de grote vier zorgverzekeraars vertelde de advocaat van die verzekeraars dat een normale beloning van fysiotherapeuten hen ongeveer €940 miljoen euro per jaar extra zou kosten. Deze €940 miljoen wordt dus al ingehouden èn nog zijn de totale kosten van de zorg met 87 miljard gestegen. Waar gaat het geld dan allemaal naar toe? Dit klinkt naar een falend beleid.

BRON: SKIPR, VWF

WAAR BLIJFT UW PREMIEGELD? – Zorgverzekeraars behalen hoogste resultaat per verzekerde in jaren

De zorgverzekeraars hebben in 2025 een historisch hoog financieel resultaat behaald. Per verzekerde bleef er gemiddeld 92 euro over, het hoogste bedrag in ten minste vijf jaar. Dit blijkt uit een recente analyse van Kompas in Zorg en BS Health Consultancy.

Zorgverzekeraars steken de winst weer in het eigen vermogen dat in 2025 weer flink is gestegen. Zo groeide het eigen vermogen bij VGZ en ONVZ met maar liefst 19 procent. Het eigen vermogen van Zorg en Zekerheid groeide het minst, namelijk met 6 procent.

VGZ +19 procent 578 miljoen euro
ONVZ +19 procent nog niet gepubliceerd
Menzis +14 procent 230 miljoen euro
Salland +11 procent 10,3 miljoen euro
DSW +9 procent 26 miljoen euro
CZ +8 procent 243 miljoen euro
Achmea +8 procent 249 miljoen euro en keert 415 miljoen uit aan aandeelhouders
Zorg en Zekerheid +6 procent 25,6 miljoen euro
In totaal ligt er al ruim 1,5 miljard euro op de plank.

Ook in 2024 groeide het eigen vermogen bij vrijwel alle zorgverzekeraars, toen vooral dankzij beleggingsresultaten. Maar in eerdere jaren moest er vaak ten minste één verzekeraar interen op het eigen vermogen. In 2022 gold dat voor elke verzekeraar.

De sterke toename van de winst wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door wat de zorgverzekeraars overhouden aan premies. In 2024 hielden zorgverzekeraars nog op 21 euro per verzekerde over, in 2025 steeg dat naar 66 euro. Terwijl de premies en bijdragen met gemiddeld 5,4 procent toenamen (tot 3.654 euro per verzekerde), betaalden zorgverzekeraars juist minder aan zorgkosten uit: slechts 3.512 euro per verzekerde (3,9 procent).

De bedrijfskosten van de zorgverzekeraars zelf stegen met 4,6 procent. Per verzekerde waren de zorgverzekeraars gemiddeld 99 euro kwijt.

Zorgverzekeraars beleggen ook met uw premiegeld. Het resultaat daarvan nam juist af. In 2025 bedroeg dit 26 euro per verzekerde, tegenover 39 euro in het voorgaande jaar.

bron: SKIPR

10 jaar ‘product financiering’ bij lage rugklachten: duurder maar niet beter


Ruim tien jaar geleden introduceerde zorgverzekeraar VGZ een nieuwe vorm van bekostiging binnen de fysiotherapie: product financiering voor lage rugklachten.
Alleen praktijken die zich aansloten bij deze geselecteerde verenigingen konden deelnemen aan het programma. De aangesloten praktijken werden als “betere fysiotherapie” neergezet, wat leidde tot felle reacties in het veld.
Het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF), nam dit hoog op. De suggestie dat niet-aangesloten praktijken kwalitatief ondermaats zouden zijn, werd als denigrerend en ongefundeerd beschouwd. Toenmalig VGZ-voorzitter Ab Klink werd ter verantwoording geroepen.
Na een stevig overleg werd besloten dat VGZ zou stoppen met het voeren van deze misleidende reclame. De kwalificatie “betere fysiotherapie” verdween uit de communicatie.

We zijn nu tien jaar verder. De centrale vraag is, leidt deze alternatieve bekostiging tot betere zorg? De uitkomsten van de evaluatie zijn kraakhelder:
• Geen beter zorgresultaat: geen verschil met het traditionele vergoedingssysteem in termen van patiëntenervaringen, resultaat van de behandeling, duur van de therapie of het aantal behandelsessies.
• Wel hogere kosten: significant hoger dan bij het reguliere systeem.
• Wel meer recidieven: opvallend hogere aantal terugkerende klachten (recidieven) bij patiënten in het product financieringsmodel.

Ab Klink werd gevraagd waarom hij destijds zo overtuigd was van de meerwaarde van product financiering. Zijn antwoord was opmerkelijk: “Door de productafspraak tekent de zorgverlener er ook voor dat bij een recidive binnen 12 maanden deze gratis moet worden behandeld.”
Bij hernieuwde rugklachten maakte het dus niet uit wat de oorzaak was, de fysiotherapeut werd contractueel verplicht op eigen kosten te behandelen.

De contracten voor 2026 staan voor de deur. De tarieven liggen al tientallen jaren ver onder een normaal en verantwoord niveau, terwijl de verplichtingen die door de zorgverzekeraars worden opgelegd zich elk jaar meer opstapelen. De zorg loopt leeg. Legt de zorgverzekeraar de uitkomsten naast zich neer?
Worden inefficiënte en dure systemen, registers en verenigingen in stand gehouden? Gaan ze door met regelingen die ten kosten gaan van zorgverleners en slecht zijn voor de zorg?

Gemeenten boos over bezuinigingen zorg, stappen uit zorgakkoord

De Nederlandse gemeenten stemden in de algemene ledenvergadering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten met 93,4 procent voor een resolutie om te stoppen met de samenwerkingstappen met het kabinet en de zorgsector om de gezondheidszorg toegankelijk en betaalbaar te houden. De belangrijkste reden is de bezuiniging van het kabinet op gemeentelijke budgetten voor gezondheidsprojecten.

Het besluit is het volgende probleem voor het kabinet en de zorgsector in het algemeen. Eerder weigerden huisartsen al mee te doen aan het Integraal Zorgakoord (IZA). Met het terugtrekken van de gemeenten komt de uitvoering van het IZA andermaal in gevaar. En dit is vooralsnog de enige strategie om de zorg tot 2040 voor iedereen overeind te houden.

Gemeenten moeten via het zogeheten sociaal domein, waaronder bijvoorbeeld schuldhulpverleners en jeugd- en maatschappelijk werkers vallen, een deel van de groeiende behoefte aan medische hulp bedwingen.
Zo zou duurdere zorg van psychiaters en psychologen voorkomen moeten worden.

De afgelopen jaren moesten gemeenten door het verbeteren van de leefomstandigheden en leefomgeving aan preventief gezondheidsbeleid doen. Een beter algemene welzijn van burgers, verkleint de kans op langdurig zorg. Het gaat hierbij om mensen weer aan het sporten te brengen of buurthuizen voor ouderen om eenzaamheid tegen te gaan.

Aanvullend op het zorgakkoord werd daarom door het vorige kabinet een tweede akkoord gesloten, het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), waarin gemeenten tot 2026 jaarlijks 300 miljoen euro extra kregen om de leefomgeving voor hun burgers te verbeteren.

Financieel ravijnjaar
Het kabinet-Schoof wil echter bezuinigen op deze financiële middelen, tot groot ongenoegen van de gemeenten. Ze verwachten bovendien nog meer financiële tegenspoed. Vanaf 2026 dreigen ze miljarden euro’s uit het gemeentefonds mis te lopen.

Ook ziekenhuizen komen in toenemende mate in financiele moeilijkheden en dreigen uit het IZA te stappen.

De gemeenten hebben te maken met onafgemaakte plannen van het vorige kabinet. Rutte IV wilde vanaf 2026 ingrijpend bezuinigen op het gemeentefonds, een van de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeenten. De belofte was wel dat er een nieuw financieringssysteem zou komen om gemeenten financiële stabiliteit te geven.

Maar na de val van dat kabinet in 2023 zijn plannen voor de overgang naar een nieuw financieringssysteem niet afgemaakt. Ondertussen houdt het oude systeem in 2026 op te bestaan en dreigen de gemeenten in één klap zo veel geld te verliezen dat sluitende begrotingen onmogelijk worden. Ze noemen het jaar 2026 al enige tijd een “financieel ravijnjaar”.

‘Gelijkwaardige partij’
De gemeenten wijzen erop dat ze in het Integraal Zorgakkoord stapten onder de belofte dat zo’n ravijnjaar zou worden voorkomen én dat er structureel geld zou komen voor preventie en gezondheidsbeleid. Een oplossing voor 2026 is nog niet in zicht en zorgminister Agema bezuinigt op preventie en publieke gezondheid.

Ook de fysiotherapie loopt al tientallen jaren op tegen ongelijkwaardigheid. Overheid en zorgverzekeraars bepalen alles samen. Fysiotherapeuten worden gedwongen te tekenen bij het kruisje en krijgen onredelijke, eenzijdige voorwaarden en een absurd laag tarief.

De minister betreurt het besluit an de gemeenten om zich terug te trekken, zegt ze in een reactie. “De zorg kent grote uitdagingen en de IZA-partijen zetten hier samen hun schouders onder. Gemeenten hebben hierin een belangrijke rol. Ze zijn altijd welkom om terug te keren aan tafel.”

Volgens Nathalie Kramers, wethouder in Leeuwarden en bestuurslid van VNG, zijn de gemeenten niet alleen vanwege de bezuinigingen uit het akkoord gestapt. Het is volgens haar ook belangrijk dat gemeenten als gelijkwaardige partij aan tafel zitten met partners zoals zorgverzekeraars en het ministerie. Bovendien vindt ze dat het niet alleen dit ministerie is dat de kar moet trekken, maar dat zorg en preventie de aandacht van het hele kabinet vereist.

BRON: NOS

Alzheimer: wat als medicijnen niet helpen ?

De beschikbare medicijnen voor de behandeling van de ziekte van Alzheimer zijn allemaal oud, eigenlijk heel oud. Sinds 2002 zijn er geen nieuwe medicijnen meer beschikbaar.
Geen van de momenteel beschikbare medicijnen verandert het verloop van de ziekte. En de opvolgers beloven alleen maar variaties op de oude te zijn.

Farmaceutische bedrijven zagen dat dementie een potentieel enorme markt was en investeerden flink: naar schatting $ 42 miljard in 25 jaar !

Acetylcholine remmers
Deze medicijnen voldeden en voldoen niet aan de verwachtingen en helpen totaal niet tegen dementie. Geen enkele vertraagt de verdere ontwikkeling van de ziekte. Wel krijgen de gebruikers bijwerkingen: misselijkheid, braken, diarree, slapeloosheid, bizarre dromen, krampen, vermoeidheid veroorzaken, duizeligheid, slaperigheid, agitatie en hallucinaties. En alle gebruikers vertonen een flinke afname van de mentale functies.

Amyloid remmers
Jarenlang werd gedacht dat de ziekte van Alzheimer werd veroorzaakt door een ophoping van bèta-amyloïde plaque in de hersenen. De volgende medicijnen richtten zich dan ook hierop. 30 onderzoeken naar geneesmiddelen die amyloïden verlagen hebben echter aangetoond dat ze geen verschil maken in de mentale functie. Of het alleen maar erger maken. Wel treden bij van tientallen procenten gebruikers hersenoedeem en hersenbloedingen op, soms met dodelijke afloop.

Monoclonale antilichamen
Een nieuwere ontwikkeling waarbij antilichamen gebruikt worden om bepaalde lichaamsmechanismen te beïnvloeden. Dit zijn amyloïde-remmers, zoals hierboven beschrev. Sommige werken bij het verlichten van symptomen bij gebruik bij andere ziekten, maar geen daarvan heeft tot genezing geleid. Ze zijn ook extreem duur en veranderen de immuniteit, wat vatbaar maakt voor ernstige infecties.

Persoonlijke benadering
Begin jaren 90 ontdekte dr. Dale Bredense dat de hersenen beschikken over een beschermend mechanisme, dat in werking treedt bij een tekort aan essentiële stoffen (met name van de hersenen afgeleide neurotrofische factor (BNF) en netrin-1) of bij een teveel aan giftige stoffen(o.a. amyloïd en biotoxines). Hersendelen kunnen worden uitgeschakeld om de functie op de meer essentiële gebieden te behouden.

De kern is een molecuul dat op de zenuwreceptor zit, APP genaamd (amyloïde precursoreiwit) en de manier waarop het afbreekt. Als alles in orde is, valt APP uiteen in twee zenuwvoedende stoffen en functioneren de hersenen normaal. Maar als het beschermende mechanisme wordt ingeschakeld, ontstaan er vier zenuwbeschadigende stoffen. Bredesen ontdekte 36 sleutelfactoren die de afbraak van APP beïnvloeden. Hij ontwikkelde het Bredesen-protocol, genaamd ReCODE en vroeg erkenning aan. Zijn aanvraag werd echter afgewezen omdat het te complex was omdat het protocol sterk geïndividualiseerd is.

Verder klinisch onderzoek wees uit, dat negen van de tien patiënten met het vroege stadium van de ziekte van Alzheimer een omkering van mentale achteruitgang vertoonden. Deze resultaten, die nog nooit eerder waren behaald, zijn herhaald in twee andere peer-reviewed onderzoeken.

Het ReCODE-protocol is nu met succes gebruikt bij meer dan 1.000 patiënten in zeven landen. Terwijl slechts een minderheid van de mensen in een gevorderde stadium van de ziekte van Alzheimer verbetert, verbetert ongeveer 50 procent met matige symptomen en verbeteren vrijwel alle patiënten met een milde vorm van de ziekte.

Het duurt doorgaans zes maanden voordat de pathologische hersenveranderingen zijn omgedraaid, maar de toestand kan binnen enkele weken na het stoppen van het protocol terugkeren, doorgaan is dus essentieel.

Waarom niet meteen verder ontwikkelen en toepassen ?

  1. Er gebruik wordt gemaakt van natuurlijke stoffen die niet kunnen worden gepatenteerd. Dit betekent dat er geen geld te verdienen is door farmaceutische bedrijven en dus geen geld om onderzoek te ondersteunen.
  2. De behandeling is complex omdat alle mogelijke onderliggende oorzaken moeten worden bekeken en afzonderlijk moeten worden gecorrigeerd. Maar dat verklaart meteen waarom geen enkel medicijn tot op de dag van vandaag succesvol is geweest. De one-size-fits-all drugsaanpak werkt zeker niet.
  3. Alzheimer omvat veel verschillende uitingsvormen en is niet de enige oorzaak van dementie.

Het ReCode protocol

  • voor mensen met een milde cognitieve stoornis of de ziekte van Alzheimer in een vroeg stadium
  • zeer persoonlijk, afhankelijk van de verschillende factoren die de individuele symptomen van een persoon kunnen veroorzaken of eraan kunnen bijdragen
  1. Voeding. Centraal in ReCODE staat KetoFLEX 12/3 — een zwaar plantaardig, voedingsrijk, volledig voedselpakket dat zich richt op lokaal, biologische en seizoensgebonden niet-zetmeelrijke groenten gecombineerd met voldoende eiwitten en royale hoeveelheden gezond vet. In 12/3 verwijst de 12 naar de 12 uur tussen je laatste maaltijd aan het einde van een dag en je eerste snack of maaltijd de volgende dag, en de 3 verwijst naar de drie uur die u moet wachten tussen uw laatste maaltijd en naar bed gaan. Als je bijvoorbeeld om 22:00 uur naar bed gaat, eet dan niet na 19:00 uur en wacht de volgende dag tot ten minste 7:00 uur.
  2. Oefening. Aërobe oefeningen, krachttraining en lichaamsbeweging zoals yoga en tai chi.
  3. Slaap. Elke nacht zeven tot acht uur slaap is optimaal voor de gezondheid van de hersenen. Het is van vitaal belang dat slaapomstandigheden zoals obstructieve slaapapneu effectief worden behandeld.
  4. Stressvermindering. Dagelijks technieken als mindfulness-meditatie, qigong en yoga, samen met stressmanagementgewoonten zoals loskomen van technologie, het gebruik van lijsten en het nemen van tijd voor zelfzorg.
  5. Hersenstimulatie. Dagelijkse hersentraining met oefeningen zoals die zijn ontwikkeld door BrainHQ (brainhq.com) om je hersenen uitgedaagd te houden en de aanleg van nieuwe neurale verbindingen te stimuleren. Dit kan ook door een nieuwe vaardigheid te leren, een sterk doel in het leven te hebben en deel uit te maken van een sociale groep.
  6. Detox. Vermijden van de giftige stoffen die een negatief effect kunnen hebben op de gezondheid van de hersenen. Zware metalen zoals kwik en aluminium, kunststofchemicaliën, pesticiden en schimmels zijn enkele om op te letten.
  7. Supplementen. Per persoon verschillend, maar sommige van de aanbevolen specifieke voedingsstoffen zijn als volgt:
    Vitamine B1 voor geheugenvorming, 50 mg per dag
    Vitamine B5 voor alertheid, 100 – 200 mg per dag
    Vitamine B6 / B12 / foliumzuurcombinatie
    Vitamine D, 2500 IE per dag totdat optimale niveaus zijn bereikt
    Vitamine K2 als MK7, 100 mcg per dag
    Citicoline voor groei en reparatie van synaps, tweemaal daags 250 mg
    Ubiquinol of co-enzym Q10 ter ondersteuning van de mitochondriën, 100 mg per dag

Zie voor meer informatie Apollohealthco.com

Gezond leven, onder andere stoppen met roken, voldoende bewegen, een gezond gewicht handhaven en het behandelen van suikerziekte, een hoge bloeddruk en depressie helpen als preventie tegen een heleboel ziekten. Deze adviezen in het leefstijlprogramma van Bredesen zijn daarmee dus niet iets ‘nieuws’. Bredesen voegt hier echter nog een lijst aan mogelijke oorzaken van de ziekte van Alzheimer aan toe, met bijbehorende adviezen. Een aantal van deze mogelijke oorzaken voor Alzheimer werden eerder al onderzocht, waarbij echter geen verband werd gevonden. Al in 2018 schreef Alzheimer Nederland op hun website een artikel in de rubriek ‘alternatieve geneeswijzen’ over het leefstijlprogramma van Bredesen, waarin al de nodige kanttekeningen werden geplaatst bij de validiteit van het onderzoek, de haalbaarheid van het programma voor patiënten en het beperkte te verwachten effect.

Het betreft dus geen recente doorbraak, noch een resultaat dat, gezien de vele vragen die bij de uitvoering gesteld kunnen worden, op korte termijn een positieve invloed lijkt te gaan hebben op de levens van patiënten met de ziekte van Alzheimer.

BRON: wddty, 27-1-2024, doktermedia.nl

Wachtlijsten, personeeltekort, opnamestops: het gevreesde ‘zorginfarct’ is er al

Zorg wordt schaars. De zorgverleners kunnen het werk niet meer aan door de overdosis administratieve verplichtingen en de massale uitval en vertrek uit de zorg. Ondanks alle signalen tot protesten aan toe, doen de Overheid, de NZa en de zorgverzekeraars niets.

Wat is er aan de hand?
De wachtlijsten lopen alleen maar op. Zorgmedewerkers verlaten massaal de zorg. Niemand wil meer in de zorg werken. Oorzaak: teveel regeltjes waaraan je je als zorgverlener moet houden, administratieve handelingen opgelegd door managers van zorgverzekeraars die hiermee hun bestaansrecht claimen, het volgen van richtlijnen omdat je anders in (juridische) problemen komt en het totale wantrouwen vanuit zorgverzekeraars.

Is dit nieuw ?
Absoluut niet. Al tientallen jaren waarschuwen mensen uit de zorg dat het ingezette beleid niet klopt en dat de zorg gaat vastlopen. Al direct toen in 2006 marktwerking in de zorg werd geïntroduceerd, wist iedereen dat het mis zou gaan. Elke sector die geprivatiseerd werd, is nog altijd slechter en duurder geworden. Alleen de Overheid had natuurlijk weer vertrouwen in hun eigen ideetje. Honderdduizenden zorgverleners zijn sindsdien de klos.

Klagen helpt niet, want de waakhond voor eerlijke marktwerking in de zorg, de NZa, loopt stevig aan de riem van de Overheid. Zorgverzekeraars voeren het beleid van diezelfde Overheid uit en zoeken ook nog eens de grenzen op, waarmee zorgverleners tot het uiterste kunnen worden uitgeknepen.

In 2021 waarschuwde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid dat ‘schaarste in de zorg’ op komst was. De Overheid zou burgers snel moeten voorbereiden steeds meer zelf en in eigen kring (mantelzorg, familie en vrienden) te gaan oplossen. De politiek zweeg.

In oktober 2022 deden NZa en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd herhaalden dit en een maand later gaf een grote verzekeraar toe dat ze de wachtlijsten niet meer weg konden werken. Maar nog steeds geen reactie.

Hoe heeft het zover kunnen komen ?
Je hoort wel vaker dat de bevolking groeit en vergrijst, maar is dat een oorzaak of een gevolg? Als de zorg verplicht wordt iedereen koste wat het kost in leven te houden, is dat èn duur èn er worden steeds meer mensen steeds ouder èn neemt de vraag naar zorg toe. De oorzaak lijkt dus eerder beleid te zijn.

Patienten gaan zich ook steeds meer als consument gedragen en vragen méér: nòg een gesprek, nòg een check-up, nòg een second opinion. En als de zorgverlener meer te bieden heeft wìl de patiënt dat ook hebben. Ook dit is een gevolg van het beleid, waarbij de patiënt de regie moest krijgen.

Artsen hebben de gezondheid van mensen volledig in handen van de farmaceutische industrie gelegd, door mensen structureel dom en passief te houden hebben. Hierdoor heeft de farmaceutische industrie de absolute macht gekregen en kan de prijs naar believen naar tophoogte jagen. Dit is te koppelen aan de marktwerking en dus weer een gevolg van het beleid.

Het huidige zorgsysteem is ziek. Aan de kant van de patiënt is het een solidair systeem; iedereen heeft overal recht op. Zorgverzekeraars moeten voortdurend op de kosten letten. Aan de kant van de zorgverleners is het echter een marktsysteem; iedereen probeert een zo groot mogelijk deel van de pot geld te pakken te krijgen. Het gevolg is dat zorgverzekeraars wantrouwend zijn en allerlei drogredenen aanvoeren om niet te hoeven betalen. Zo moeten zorgverleners zowat elke handeling opschrijven, want stel je voor dat ze iets overbodigs of te duurs zouden declareren. Die administratie koste veel tijd, levert veel frustratie op en kost ook weer véél geld. Geld en tijd die weer niet besteed kunnen worden aan zorg.
Met richtlijnen en protocollen worden risico’s volledig dichtgetimmerd, maar kosten veel tijd en dragen bij aan hoge kosten.
Fysiotherapeuten hebben ook al tientallen jaren te maken met perverse prikkels: fysiotherapie helpt mensen zelf gezonder te leven en te werken aan hun herstel en is relatief goedkoop, maar dat kost tijd en inspanning. De patiënt kiest er dus vaak voor geopereerd te worden want dat is snel, kost hem geen moeite en wordt ook nog eens volledig vergoed, maar is verschrikkelijk duur voor de zorg. Ook dit is door de Overheid bepaald beleid.

Trekt er dan niemand aan de bel ?
Er zijn legio onderzoeken en artikelen waarin wordt aangetoond dat het beter en goedkoper kan. Eind september 2022 nog legde oncoloog/epidemioloog Gabe Sonke in zijn oratie uit dat alle kankermedicijnen van de afgelopen decennia vooral de farmaceutische bedrijven winst hadden opgeleverd en veel mínder de kankerpatiënt. „De afgelopen tien jaar is de vijfjaarsoverleving voor kankerpatiënten met 8 procent gestegen. Maar de kosten aan dure geneesmiddelen zijn in dezelfde periode vertienvoudigd naar bijna 3 miljard euro per jaar”.De Overheid, de NZa en de zorgverzekeraars lijken nog steeds vooral het huidige systeem in stand te willen houden. Wie wordt hier beter van ?

En hoe gaat het nu verder ?

Er wordt nu ingezet op “passende” zorg. Een behandeling wordt dan alleen voorgeschreven (of ondergaan) als die echt iets toevoegt. Maar dit is natuurlijk niet te rijmen met de marktwerking in de zorg. Preventief advies levert immers niets op, een behandeltraject wel. En het dom en afhankelijk houden van patiënten heeft zeker een langdurig na-ijl effect; mensen met klachten door omgevingsfactoren (stress, leefstijl) gaan gewoon vaker naar de zorgverlener en worden uiteindelijk doorgestuurd naar het ziekenhuis.

De Overheid richt zijn pijlen op zorgverleners, maar zwijgt over haar eigen rol. De hele omgeving wordt door deze Overheid ingericht, van groenvoorzieningen, bovenop elkaar moeten wonen, geluid- en lichtoverlast, 24 uurs maatschappij (omdat er zo nodig geld verdiend moet worden) tot alle aanbiedingen in de supermarkt (het slechtste spul is goedkoper, gezonde groente en fruit krijgt een hogere BTW). Het is geen probleem van de zorg. De problemen in de zorg zijn een symptoom van een slecht overheidsbeleid, uitgevoerd door mensen die verschrikkelijk veel verdienen aan de zorg maar geen zorg leveren.

BRON: NRC

Amsterdamse fysio’s botsen met verzekeraars: ‘Schandalige aanbieding’

Het Fysiotherapie Collectief Amsterdam (FCA) – waar ruim driehonderd fysiotherapeuten in de stad bij zijn aangesloten – heeft een brandbrief gestuurd over de nieuwe tarieven die zorgverzekeraars hun hebben aangeboden. Die zijn, vinden de briefschrijvers, te laag.

Fysiotherapeuten in Amsterdam zijn ontevreden met nieuwe tarieven van zorgverzekeraars.

Dat bevestigt FCA-bestuurslid Wouter Post, tevens eigenaar van Sportmedisch Centrum Fysiomed uit Zuid. De brief, die in handen is van Het Parool, is verstuurd naar zorgverzekeraars, stakeholders, de gemeente Amsterdam en zorgminister Ernst Kuipers.

Volgens FCA is het vijf voor twaalf. Zorgverzekeraars maken het, stellen de briefschrijvers, met de aangeboden contracten van tussen de 30 en 33 euro ‘onmogelijk om zorg op kwalitatief hoogwaardig niveau aan te bieden’. Uit een onafhankelijk kostprijsonderzoek van Gupta uit 2019 en 2020 zou volgens FCA al blijken dat een behandeling 43 euro zou moeten kosten. Volgens de ontevreden fysiotherapeuten ‘negeren’ zorgverzekeraars de uitkomsten van dit onderzoek.

Als veel fysiotherapeuten in de stad niet akkoord gaan met de nieuw aanbiedingen, houdt dat in dat zorgverzekeraars onvoldoende fysiotherapie kunnen inkopen in de stad. Zorgverzekeraars zijn verplicht om ervoor te zorgen dat er in iedere regio voldoende zorg wordt aangeboden. Bij het uitblijven van een akkoord met een of meerdere zorgverzekeraars zou het straks zo kunnen zijn dat Amsterdammers van de fysio een factuur meekrijgen met door de fysio’s gehanteerde tarieven. Die factuur zouden ze vervolgens moeten indienen bij hun zorgverzekeraar, die dan verplicht is te betalen.

Niet geanticipeerd op inflatie

Daar moet wel een kanttekening bij worden geplaatst: dit zou alleen gelden als bijna alle fysiotherapeuten in de stad meedoen. “Maar iedereen is zo pissig over de schandalige aanbiedingen die gedaan worden, dat er genoeg steun lijkt,” aldus Post.

“Er wordt in de huidige aanbiedingen nauwelijks op de inflatie geanticipeerd,” zegt hij. “Wij kunnen de inflatie niet doorberekenen, want de verzekeraar bepaalt het tarief.” In de brandbrief schrijft FCA dat ‘het tarief al tien jaar nagenoeg stilstaat’ en dat steeds meer jonge fysio’s de sector ‘gefrustreerd’ zullen verlaten. Veel praktijken zouden al in nood verkeren. ‘Er moet een onverantwoord hoge productie worden gedraaid om salarissen te kunnen betalen en het hoofd boven water te houden.’

Ook de dure huisvestingskosten in de stad zijn voor Post ‘een extra reden om aan de bel te trekken’, zegt hij. “Die zijn bij ons een stuk hoger dan in andere delen van het land.”

bron: Parool

Zorgverzekeraars zijn onzichtbaar in de pandemie

Wat doen zij om de problemen het hoofd te bieden ? Helemaal niets. Zorgverzekeraars duiken. Wat hebben zij gedaan om problemen te voorkomen, en op te lossen? En wat is hun toekomstige rol?

Het wordt tijd dat zorgverzekeraars opstaan en verantwoordelijkheid nemen voor de situatie in de zorg en het achterwege blijven van maatregelen. Ze kunnen niet alleen zichtbaar zijn als het goed gaat.

Alle betrokkenen in de coronacrisis roeren zich in het pandemiedebat. Allemaal? Artsen, verpleegkundigen en bestuurders van zorginstellingen leggen telkens uit dat zij alles doen om noodzakelijke zorg te verlenen. De minister verschijnt keer op keer om uit te leggen dat moet worden voorkomen dat de zorg bezwijkt, en dat daarom zelfs reguliere zorg wordt uitgesteld. En ook (zelfverklaarde) deskundigen laten hun licht schijnen over wat gebeurt en wat er moet gebeuren.

Maar de zorgverzekeraars die ten behoeve van hun verzekerden wettelijk verantwoordelijk zijn voor de inkoop van de noodzakelijke zorgcapaciteit, zijn in geen velden of wegen te bekennen. Geen optredens van hun bestuurders in de media. Geen uitspraken van zorgverzekeraars over de noden van ‘hun’ verzekerden wiens belangrijke operaties uitgesteld worden. En dus geen antwoord op de vragen: wat hebben zij gedaan om de huidige problemen te voorkomen, en op te lossen? En wat is hun toekomstige rol erbij?

Wettelijke zorgplicht

In het Nederlandse zorgstelsel is voor zorgverzekeraars een prominente rol ingeruimd. Het zijn private bedrijven met in de wet vastgelegde bevoegdheden en plichten. Inwoners van Nederland zijn verplicht verzekerd, zorgverzekeraars zijn ‘verzekerd van afnemers’. Ze hebben een zorgplicht: verzekerden hebben wettelijk recht op noodzakelijke zorg, volgens artikel 11 van de Zorgverzekeringswet. Het uitstellen van noodzakelijke operaties in ziekenhuizen is strijdig met die wettelijke zorgplicht.

Vóór de pandemie maakten zorgverzekeraars sier met de zogenaamde ‘wachtlijstbemiddeling’. Laat een behandeling lang op zich wachten? Benader de wachtlijstbemiddelaar van de zorgverzekeraar, was het devies van zorgverzekeraars én de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). De vraag of die wachtlijstbemiddeling voor patiënten het geld waard is geweest, is nooit beantwoord. Nu horen we er niets over.

Uitgestelde zorg

Als gevolg van de capaciteitsproblemen in de zorg zijn er nu daadwerkelijk patiënten wiens noodzakelijke zorg wordt uitgesteld. Hét moment voor zorgverzekeraars om hun plicht te vervullen en voor hun patiënten in de bres te springen. Maar is deze pandemie dan geen ‘overmacht’? Voor zorgverleners en zorginstellingen natuurlijk wel. Níet voor de zorgverzekeraars. Het pandemische risico is gewoon voorzien in de wet.

Zorgverzekeraars duiken. Zij laten zorgverleners verantwoordelijkheid nemen en moeilijke keuzes maken, terwijl noodzakelijke operaties worden uitgesteld. De wachtlijstbemiddeling blijkt een wassen neus. Een model dat lijkt ontwikkeld op de tekentafel van modeleconomen en marketeers, blind voor risico’s.

Medio 2020 werd al duidelijk dat de capaciteit van de Nederlandse intensive care (per 100.000 inwoners de laagste van Europa, als gevolg van het scherpe inkoopbeleid van de zorgverzekeraars) ontoereikend was om de gevolgen van de pandemie én noodzakelijke operaties tegelijk op te vangen. Daar is door zorgverzekeraars anderhalf jaar niets aan gedaan. Zij verzaken daarmee hun wettelijke plicht. En het lijkt er vooralsnog niet op dat ze maatregelen nemen om die in de nabije toekomst wel te vervullen. Sterker, uit berichten van ziekenhuizen blijkt dat zij voor 2022 opgezadeld worden met nieuwe kortingen. En ziekenhuizen krijgen nauwelijks ruimte voor zogenoemde ‘inhaalzorg’. Uitbreiding van capaciteit vinden zorgverzekeraars al helemaal onnodig.

Waar was de toezichthouder?

Zorgverzekeraars hadden zich al lang voor we van corona gehoord hadden, moeten voorbereiden op het – voorzienbare – pandemisch risico. Ze hadden de maatschappij en verzekerden moeten waarschuwen en voorzieningen moeten treffen. Dat deden ze niet. Waar zijn hun noodzakelijke risicoscenario’s waarin de acute zorgvraag stijgt? Jarenlang focusten ze zich alleen op de kostenkant. Waar was toezichthouder NZa om zorgverzekeraars te wijzen op de verplichting tot het maken van die risicoscenario’s?

De afgelopen jaren nam de NZa zorgverleners voortdurend de maat, de kritiek op de rol van de zorgverzekeraars bleef en blijft nagenoeg uit. Nu zijn patiënten, zorgverleners én de maatschappij de dupe van het inkoopbeleid dat kritiekloos is gevolgd door de toezichthouder. Want ineens kan voor grote groepen patiënten in kritieke situaties ‘even’ geen zorg worden verleend. Zorgverleners zijn jarenlang zodanig onder druk gezet dat de maat vol is: meer kunnen we niet van hen vragen. Terwijl verzekeraars niet ter verantwoording worden geroepen en niet worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid: het beperken van risico’s.

Zorgverzekeraars houden forse voorzieningen aan om risico’s op te vangen. Dat risico ís er nu: de pandemie. Deze crisis leert ons dat zorgverzekeraars zelf nauwelijks risico lopen. Bij echte risico’s worden zij door de overheid gecompenseerd. Laten zij hun reserves nú inzetten om ervoor te zorgen dat patiënten die geen corona hebben, maar wél hulp moeten krijgen, direct worden geholpen. Het wordt tijd dat zorgverzekeraars opstaan en verantwoordelijkheid nemen voor de situatie in de zorg en het achterwege blijven van maatregelen. Ze kunnen niet alleen zichtbaar zijn als het goed gaat.

Als ze hun zorgplicht niet serieus nemen, kunnen we er beter weer overheidsinstellingen van maken. Dan kunnen de reserves nuttig worden besteed, en wellicht nog veel kosten worden bespaard. De zorg kan die gelden beter gebruiken, het is zonde het te laten staan op de balans van een aantal private bedrijven die duiken voor hun verantwoordelijkheid.

BRON: Volkskrant , Edwin Brugman is oud-directeur van Vereniging VvAA (de vereniging die (para)medici bijstaat voor juridisch advies).

Zorgverzekeraar CZ sluit coronajaar af met flinke winst !

Door corona moesten flink wat zorgverleners veel en risicovol werk doen, terwijl de waardering niet verder kwam dan een applaus. Iedereen moest vol aan de bak èn inleveren. Fysiotherapiepraktijken liepen leeg en fysiotherapeuten moesten financiële ondersteund worden om niet failliet te gaan, maar bleven desondanks zitten met minimaal 20% omzetverlies.

CZ heeft coronajaar 2020 afgesloten met meer winst. De Tilburgse zorgverzekeraar verdiende miljoenen met beleggingen. De extra kosten die werden gemaakt voor coronagerelateerde zorg en het uitbetalen van de zorgbonus aan personeel werden goeddeels vergoed, meldt CZ in zijn jaarverslag.

CZ sloot het jaar af met een positief resultaat van 127 miljoen euro. Daarbovenop komt nog eens 45 miljoen euro aan beleggingsopbrengsten en 2 miljoen euro aan andere opbrengsten, waardoor uiteindelijk een winst van 174 miljoen euro overblijft. Dat was een jaar eerder nog 119 miljoen euro. De omzet van de onderneming steeg van 10,3 miljard euro naar krap 11,1 miljard euro.
BRON: Omroep Brabant