BRON: AD
Voor patiënten met een degeneratieve meniscusscheur is er geen klinisch relevant verschil tussen fysiotherapie en een meniscusoperatie. Ook op de langere termijn is fysiotherapie niet minder effectief dan een operatie. Dit blijkt uit het promotieonderzoek van fysiotherapeut en bewegingswetenschapper Julia Noorduyn.
Degeneratieve meniscusscheur
Een degeneratieve meniscusscheur is een meniscusscheur die vaak geleidelijk aan ontstaat. Naarmate we ouder worden kan de meniscus minder elastisch worden waardoor het makkelijker kan scheuren. Noorduyn: “Bij mensen met een degeneratieve meniscusscheur was een kijkoperatie van de knie waarbij het gescheurde deel van de meniscus weg werd gehaald de standaardbehandeling. Echter, meerdere toonaangevende onderzoeken hebben in de afgelopen jaren aangetoond dat een meniscusoperatie ten opzichte van een fysiotherapeutische behandeling geen relevant verschil geeft in de behandeluitkomsten gedurende een periode van 2 jaar.”
Noorduyn toonde in haar meest recente publicatie ook aan dat fysiotherapie ook na vijf jaar niet minder effectief is dan een meniscusoperatie.
Zeker nu is een behandeling die minder impact op de patient heeft èn ook nog eens goedkoper is belangrijk.
BRON: //vu.nl/nl/agenda/2022/promotie-j-c-a-noorduyn
Net zoals verzekeraars differentiëren ook wij in onze partners. Vandaag plaatsen wij DSW in de etalage.
Een verzekeraar die wij absoluut aanraden! Eerlijk voor patiënt en zorgverlener, maar vooral heel eerlijk in het zorgproces.
DSW dwingt de zorgverlener niet tot overbodige administratie waardoor deze meer tijd voor de patiënt heeft! Dat is winst voor iedereen!
Dus in 2023 hebben wij een contract met DSW!
Het ministerie van VWS stel in een conceptversie van het Integraal Zorgakkoord voor om de vrije artsenkeuze in te perken. Een maatregel die vele Nederlanders zal raken en alleen tot doel heeft de zorg te bezuinigen, aldus directeur Aad de Groot.
In de conceptversie van het Integraal Zorgakkoord stelt het ministerie van VWS onder het mom ‘betere samenwerking en passende zorg’ rigoureuze maatregelen voor. Een daarvan is het inperken van de vrije artsenkeuze voor alle verzekerden die geen restitutiepolis hebben. Deze maatregel raakt daarmee 90% van de Nederlanders. Het Integraal Zorgakkoord lijkt hiermee enkel en alleen een akkoord te zijn dat tot doel heeft op de zorg te bezuinigen.
“Passende zorg is nu het toverwoord om de zorgkosten te drukken”, zegt directeur Aad de Groot. “Zorgverzekeraars moeten met hun contractering sturen op deze passende zorg en voorkomen dat er betaald wordt voor ‘niet-aantoonbaar effectieve’ zorg. Sommige zorgverzekeraars claimen hun verzekerden alleen naar passende zorg te kunnen toeleiden als zij voor niet-gecontracteerde zorg geen of een zeer lage vergoeding mogen geven. Het kabinet lijkt bereid de zorgverzekeraars op dit punt tegemoet te komen door dit mogelijk te maken. Opmerkelijk, want zorgverzekeraars kunnen helemaal niet toeleiden naar passende zorg. Daarvoor hebben ze onvoldoende beeld van de kwaliteit van zorg, van de relatie tussen arts en patiënt en van welke behandeling zou werken in de specifieke situatie waarin een patiënt zich op dat moment bevindt.”
Door de inperking van de vrije artsenkeuze wordt het zorgverzekeraars mogelijk gemaakt nog minder vergoeding te geven voor niet-gecontracteerde zorg. Aad de Groot vindt het frappant dat deze inperking, zoals deze nu in het concept zorgakkoord is opgenomen, vooral betrekking lijkt te hebben op natura- en budgetpolissen: “Natura- en budgetpolissen kenmerken zich juist door een beperkte contractering van zorgverleners. Deze polissen zijn vooral in het leven geroepen door zorgverzekeraars om tegen een lage premie een basisverzekering aan te bieden, waarbij de budgetpolissen zich met name richten op berekenbaar winstgevende jonge gezonde verzekerden. Om deze reden is voor deze polissen de kwaliteit van zorg niet zozeer het uitgangspunt om tot contractering te komen, maar welke zorgverlener zich laat dwingen om tegen een zeer laag tarief nog zorg te leveren.” Met het sturen op ‘passende zorg’ wordt de keuzevrijheid binnen deze polissen nog verder ingeperkt. Het is duidelijk dat deze maatregel vooral in het leven is geroepen om kosten te besparen.
Inmiddels hebben al 76% van de Nederlanders een natura- of budgetpolis. Met de huidige hoge inflatie is te verwachten dat dit aantal alleen maar zal toenemen. Veel mensen hebben door hun financiële situatie alleen nog maar de keuze voor een natura- of budgetpolis en worden hierdoor nog verder beperkt in welke zorg ze vergoed kunnen krijgen.
De DSW-directeur benadrukt dat ook zorgverleners veel zullen verliezen als zorgverzekeraars door deze wijziging de mogelijkheid krijgen om geen of een zeer lage vergoeding te geven: “Er valt dan voor de zorgverlener niets meer te onderhandelen. Het is dan echt tekenen bij het kruisje.” Het machtsevenwicht tussen verzekerde, zorgaanbieder en zorgverzekeraar raakt zo volledig uit balans. Deze maatregel zal geen stimulans zijn voor meer ‘passende zorg’ maar, zo zegt Aad de Groot, vooral een achteruitgang voor de positie van verzekerden en zorgverleners in ons zorgstelsel: “En de suggestie dat zorgverzekeraars dit kunnen compenseren door op kwaliteit te contracteren is een illusie. Passende Zorg is Verschraalde zorg.”
Uiteindelijk blijft er zo alleen keuzevrijheid over voor de mensen die het zich kunnen veroorloven. Iets wat de directeur enorm tegen de borst stuit. Want ziek of gezond, arm of rijk: iedereen moet in gelijke mate recht hebben op toegankelijke en betaalbare zorg. Dat is de essentie van ons zorgstelsel, aldus de Groot: “In veel publicaties wordt gesteld dat zorgverzekeraars voor inperking van de vrije artsenkeuze zijn. Het zal duidelijk zijn. DSW is altijd tegen de aanpassing van de vrije artsenkeuze geweest en zal dat tot in lengte van dagen blijven.”
bron: DSW
KNGF-voorzitter Guido van Woerkom uit zijn grote zorgen over de onhoudbare situatie in de fysiotherapie, in een brief die hij gisteren verstuurde aan zorgverzekeraars, Zorgverzekeraars Nederland, de Nederlandse Zorgautoriteit en de minister van VWS.
In de brief stelt Van Woerkom dat ‘de rek er al lang uit is’. Hij roept zorgverzekeraars op nú te investeren in fysiotherapie. Met de huidige inflatiecijfers is de situatie niet langer houdbaar.
‘De situatie in de fysiotherapie is echt nijpend. We voeren constructieve gesprekken met alle partijen om ervoor te zorgen dat fysiotherapie beter toegankelijk wordt vanuit de basisverzekering voor iedereen die deze zorg nodig heeft. Het draagvlak daarvoor groeit, door de belangrijke bijdrage die fysiotherapie kan leveren om passende zorg te leveren.
Tegelijkertijd verlaten fysiotherapeuten gemiddeld al na 11 jaar het vak en jonge starters vaak zelfs al na 3 jaar. Hierdoor ontstaan tekorten aan personeel, met een gigantische werkdruk bij fysiotherapiepraktijken als gevolg.
Een goede cao voor eerstelijnspraktijken is vooralsnog niet haalbaar en betaalbaar gebleken. Op dit moment vergoeden zorgverzekeraars rond de 30 euro per behandeling, terwijl uit onderzoek blijkt dat de normatieve kostprijs voor een behandeling ruim 40 euro is. En dan is de huidige torenhoge inflatie daar nog niet bij gerekend.’
Van Woerkom roept zorgverzekeraars daarom op om te investeren in fysiotherapie. ‘Als ze dat niet doen, dan wordt de situatie onhoudbaar en komt passende zorg voor patiënten in het geding’, aldus Van Woerkom.
KNGF-voorzitter Guido van Woerkom zegt dat de fysiotherapeut een bijdrage kan leveren om de huisartspraktijk te ontlasten.
Een derde van de gezondheidsklachten in de spreekkamer van de huisarts heeft betrekking op het bewegingsapparaat. Daarvoor is de fysiotherapeut de aangewezen behandelaar, stelt Guido van Woerkom namens het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF).
“We weten dat er problemen zijn van het bewegingsapparaat waarvoor fysiotherapie even effectief is als ingrijpen. Als uitvloeisel van de bestuurlijke afspraken paramedische zorg 2019-2022 is bijvoorbeeld effectiviteitsonderzoek en ook kosteneffectiviteitsonderzoek gedaan naar de meniscuslaesie. Daaruit blijkt dat fysiotherapie kwalitatief even effectief is als een operatie én veel goedkoper.”
Vrij toegankelijk
De fysiotherapeut is net als de huisarts vrij toegankelijk, zonder verwijzing dus. Toch gaat zoals gezegd een derde van de patiënten toch in eerste instantie naar de huisarts als ze een gezondheidsklacht hebben die gerelateerd is aan bewegen.
“Begrijpelijk”, vindt Van Woerkom, “want de patiënt kan een klacht niet altijd direct linken aan fysiotherapie. Vaak weet de huisarts de patiënt dan wel te wijzen op de juiste fysiotherapeut voor zijn klacht, maar dit is toch niet altijd zo.
BRON: de-eerstelijn.nl
Wat doen zij om de problemen het hoofd te bieden ? Helemaal niets. Zorgverzekeraars duiken. Wat hebben zij gedaan om problemen te voorkomen, en op te lossen? En wat is hun toekomstige rol?
Het wordt tijd dat zorgverzekeraars opstaan en verantwoordelijkheid nemen voor de situatie in de zorg en het achterwege blijven van maatregelen. Ze kunnen niet alleen zichtbaar zijn als het goed gaat.
Alle betrokkenen in de coronacrisis roeren zich in het pandemiedebat. Allemaal? Artsen, verpleegkundigen en bestuurders van zorginstellingen leggen telkens uit dat zij alles doen om noodzakelijke zorg te verlenen. De minister verschijnt keer op keer om uit te leggen dat moet worden voorkomen dat de zorg bezwijkt, en dat daarom zelfs reguliere zorg wordt uitgesteld. En ook (zelfverklaarde) deskundigen laten hun licht schijnen over wat gebeurt en wat er moet gebeuren.
Maar de zorgverzekeraars die ten behoeve van hun verzekerden wettelijk verantwoordelijk zijn voor de inkoop van de noodzakelijke zorgcapaciteit, zijn in geen velden of wegen te bekennen. Geen optredens van hun bestuurders in de media. Geen uitspraken van zorgverzekeraars over de noden van ‘hun’ verzekerden wiens belangrijke operaties uitgesteld worden. En dus geen antwoord op de vragen: wat hebben zij gedaan om de huidige problemen te voorkomen, en op te lossen? En wat is hun toekomstige rol erbij?
Wettelijke zorgplicht
In het Nederlandse zorgstelsel is voor zorgverzekeraars een prominente rol ingeruimd. Het zijn private bedrijven met in de wet vastgelegde bevoegdheden en plichten. Inwoners van Nederland zijn verplicht verzekerd, zorgverzekeraars zijn ‘verzekerd van afnemers’. Ze hebben een zorgplicht: verzekerden hebben wettelijk recht op noodzakelijke zorg, volgens artikel 11 van de Zorgverzekeringswet. Het uitstellen van noodzakelijke operaties in ziekenhuizen is strijdig met die wettelijke zorgplicht.
Vóór de pandemie maakten zorgverzekeraars sier met de zogenaamde ‘wachtlijstbemiddeling’. Laat een behandeling lang op zich wachten? Benader de wachtlijstbemiddelaar van de zorgverzekeraar, was het devies van zorgverzekeraars én de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). De vraag of die wachtlijstbemiddeling voor patiënten het geld waard is geweest, is nooit beantwoord. Nu horen we er niets over.
Uitgestelde zorg
Als gevolg van de capaciteitsproblemen in de zorg zijn er nu daadwerkelijk patiënten wiens noodzakelijke zorg wordt uitgesteld. Hét moment voor zorgverzekeraars om hun plicht te vervullen en voor hun patiënten in de bres te springen. Maar is deze pandemie dan geen ‘overmacht’? Voor zorgverleners en zorginstellingen natuurlijk wel. Níet voor de zorgverzekeraars. Het pandemische risico is gewoon voorzien in de wet.
Zorgverzekeraars duiken. Zij laten zorgverleners verantwoordelijkheid nemen en moeilijke keuzes maken, terwijl noodzakelijke operaties worden uitgesteld. De wachtlijstbemiddeling blijkt een wassen neus. Een model dat lijkt ontwikkeld op de tekentafel van modeleconomen en marketeers, blind voor risico’s.
Medio 2020 werd al duidelijk dat de capaciteit van de Nederlandse intensive care (per 100.000 inwoners de laagste van Europa, als gevolg van het scherpe inkoopbeleid van de zorgverzekeraars) ontoereikend was om de gevolgen van de pandemie én noodzakelijke operaties tegelijk op te vangen. Daar is door zorgverzekeraars anderhalf jaar niets aan gedaan. Zij verzaken daarmee hun wettelijke plicht. En het lijkt er vooralsnog niet op dat ze maatregelen nemen om die in de nabije toekomst wel te vervullen. Sterker, uit berichten van ziekenhuizen blijkt dat zij voor 2022 opgezadeld worden met nieuwe kortingen. En ziekenhuizen krijgen nauwelijks ruimte voor zogenoemde ‘inhaalzorg’. Uitbreiding van capaciteit vinden zorgverzekeraars al helemaal onnodig.
Waar was de toezichthouder?
Zorgverzekeraars hadden zich al lang voor we van corona gehoord hadden, moeten voorbereiden op het – voorzienbare – pandemisch risico. Ze hadden de maatschappij en verzekerden moeten waarschuwen en voorzieningen moeten treffen. Dat deden ze niet. Waar zijn hun noodzakelijke risicoscenario’s waarin de acute zorgvraag stijgt? Jarenlang focusten ze zich alleen op de kostenkant. Waar was toezichthouder NZa om zorgverzekeraars te wijzen op de verplichting tot het maken van die risicoscenario’s?
De afgelopen jaren nam de NZa zorgverleners voortdurend de maat, de kritiek op de rol van de zorgverzekeraars bleef en blijft nagenoeg uit. Nu zijn patiënten, zorgverleners én de maatschappij de dupe van het inkoopbeleid dat kritiekloos is gevolgd door de toezichthouder. Want ineens kan voor grote groepen patiënten in kritieke situaties ‘even’ geen zorg worden verleend. Zorgverleners zijn jarenlang zodanig onder druk gezet dat de maat vol is: meer kunnen we niet van hen vragen. Terwijl verzekeraars niet ter verantwoording worden geroepen en niet worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid: het beperken van risico’s.
Zorgverzekeraars houden forse voorzieningen aan om risico’s op te vangen. Dat risico ís er nu: de pandemie. Deze crisis leert ons dat zorgverzekeraars zelf nauwelijks risico lopen. Bij echte risico’s worden zij door de overheid gecompenseerd. Laten zij hun reserves nú inzetten om ervoor te zorgen dat patiënten die geen corona hebben, maar wél hulp moeten krijgen, direct worden geholpen. Het wordt tijd dat zorgverzekeraars opstaan en verantwoordelijkheid nemen voor de situatie in de zorg en het achterwege blijven van maatregelen. Ze kunnen niet alleen zichtbaar zijn als het goed gaat.
Als ze hun zorgplicht niet serieus nemen, kunnen we er beter weer overheidsinstellingen van maken. Dan kunnen de reserves nuttig worden besteed, en wellicht nog veel kosten worden bespaard. De zorg kan die gelden beter gebruiken, het is zonde het te laten staan op de balans van een aantal private bedrijven die duiken voor hun verantwoordelijkheid.
BRON: Volkskrant , Edwin Brugman is oud-directeur van Vereniging VvAA (de vereniging die (para)medici bijstaat voor juridisch advies).
Moeite met het kiezen van een verzekering voor je zorgkosten ? Hier een aantal vragen die je kunnen helpen.
Welke verzekering kies je ?
1. Ga je voor goede zorg of goedkope zorg ?
2. Behandeling van je klachten of typen in de computer ? (zorg of administratie)
3. Een lagere premie zorgt voor lagere vergoedingen voor zorgverleners – is de vergoeding die de verzekering aan zorgverleners betaalt lager dan andere verzekeraars doen ?
4. Beloont de verzekeraar gezond gedrag ?
5. Wil je eigen zorgverlener een zorgverlenerscontract met de verzekeraar ?
6. Een ondoorzichtig woud aan verzekeringen – waarom mag je het niet duidelijk zien ?
7. Hoe meer je weglaat uit je pakket, des te duurder wordt het – iedereen dezelfde dekking tegen dezelfde premie is beter
8. Hoeveel directeuren, managers en personeel heeft de verzekeraar ? Hoeveel loonkosten worden er betaald ? – minder is beter; dit gaat af van het geld dat voor zorgkosten beschikbaar is
BRON: //www.facebook.com/CuraNovi
De besmettingscijfers lopen weer teveel op en dus worden de regels weer aangescherpt. Doe je mee ?
Onze praktijk regels zijn:
DSW: ‘NZa slaat plank volledig mis met advies zorginkoop’
Z & Z: ‘NZa kijkt teveel naar premiehoogte’
Zorgverzekeraar DSW wijst het advies van de NZa aan zorgverzekeraars om selectiever in te kopen fel af. “De NZa slaat de plank volledig mis”, laat bestuursvoorzitter Aad de Groot weten. “Selectieve inkoop en polissen met beperkende voorwaarden (budgetpolissen dus) om de toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg te borgen, dat is boekenwijsheid.”
De Groot reageert op een van de conclusies uit de monitor zorgverzekeringen 2021, die de zorgautoriteit woensdag publiceerde. De NZa wil dat polissen onderling meer gaan verschillen: zorgverzekeraars moeten zich meer onderscheiden door betere dienstverlening aan verzekerden en selectievere zorginkoop. Bijvoorbeeld door meer zorginhoudelijke afspraken te maken of door niet meer bij alle aanbieders bepaalde zorg in te kopen.
Kwaliteit beoordelen
De Groot is het daar niet mee eens: “Selectieve zorginkoop leidt per direct tot minder toegankelijke zorg, vervolgens tot duurdere zorg en op termijn tot mindere kwaliteit. Bovendien zal een oudere of minder gezonde patiënt niet snel zo’n polis kiezen. Ik hoor graag van collega-zorgverzekeraars of zij wel in staat zijn te beoordelen of een behandeling de kwaliteit van leven en het functioneren van de patiënt bevordert. Wij als DSW kunnen dat niet en willen dat ook niet. Kwaliteit is aan de zorgprofessional.”
Ook Zorgverzekeraar Zorg en Zekerheid vindt dat juist de NZa te veel kijkt naar de premiehoogte van een zorgpolis. De NZa zette deze week vraagtekens bij collectieve polissen, zoals een gemeentepolis. “Het is opmerkelijk dat hier alleen naar de premie per verzekerde wordt gekeken”, zegt bestuurder Henk Gerla van Zorg en Zekerheid.
“Juist vanuit zorginkoop en dienstverlening biedt Zorg en Zekerheid maatwerk aan gemeenten. Daar ligt de meerwaarde van de gemeentepolis. Het levert op individueel en gemeentelijk niveau meer gezondheid op. Dat dempt de zorgkosten”, aldus Gerla.
BRON: //www.skipr.nl/nieuws/dsw-nza-slaat-plank-volledig-mis-met-advies-zorginkoop/?utm_source=dlvr.it&utm_medium=twitter